Vertaling
De onzichtbaarheid van de revisor: Analyse van de interventie van revisie in vertalingaa.Deze vertaling kwam tot stand op basis van de bachelor paper van Ophélie Malcolm (Université de Namur, Langues et littératures modernes: orientation germanique, 2018–2019), die werd begeleid door Dirk Delabastita. [The editor’s invisibility: Analysing editorial intervention in translation]

Mario Bisiada
Universitat Pompeu Fabra

Vertaald door Ophélie Malcolm en Dirk Delabastita
Studente Université de Namur | Université de Namur

Samenvatting

De meeste corpusgebaseerde studies van vertalingen gebruiken gepubliceerde teksten als basis voor hun corpus. Hierbij ziet men de tussenkomst over het hoofd van andere actoren dan de vertalers zelf – zoals revisorenbb.‘Editor’ in het origineel. De Nederlandse terminologie (persklaarmaker, revisor, corrector, redacteur…) is verre van eenduidig en vertoont geen een-op-een overeenkomst met de Engelse. Onze vertaling volgt zoveel mogelijk het terminologische gebruik van Isabelle S. Robert en Iris Schrijver in hun hoofdstuk “Met andere ogen. Vertaalrevisie, de dagelijkse kost voor de vertaler van de toekomst,” in In balans. Een inleiding tot vertaal- en tolkwetenschap, red. Gert De Sutter en Isabelle Delaere (Leuven: Acco, 2019, blz. 284–306). In de metatalige bespreking van de Engelse termen (Deel 2) bewaren we evenwel deze laatste – in cursief – in onvertaalde vorm. – die betrokken zijn in het proces en een aanzienlijke invloed kunnen uitoefenen op de vertaalde tekst. Om de invloed na te gaan van revisie op de vertaling, biedt deze paper een vergelijkende analyse van manuscriptversies en gepubliceerde vertalingen, waardoor we het onderscheid kunnen maken tussen feitelijk vertaalde taal en gereviseerde vertaalde taal. Op grond van een driedelig parallel corpus van zakelijke Engelse artikelen en de vertalingen ervan in het Duits, analyseer ik de invloed van vertalers en revisoren op het grammaticale metafoorgehalte van de tekst, meer in het bijzonder op het gebruik van nominaliseringen. Het blijkt onder meer dat een aanzienlijk aantal nominaliseringen door revisoren geherverbaliseerd worden. De resultaten tonen aan dat vertaalde taal ingrijpend beïnvloed kan worden door de revisie ervan. Hieruit volgt dat ons beeld van wat vertalers eigenlijk doen beduidend vervormd kan worden als we alleen de bronteksten en de gepubliceerde vertalingen in rekening brengen.

Trefwoorden:
Inhoudsopgave

1.Inleiding

1.1Naar een holistische kijk op de vertaal-workflow

Onderzoek naar vertaalde taal herleidt vertaling gewoonlijk tot de handeling van het vertalen zelf. Dit verbergt de talrijke andere actoren die actief zijn in de vertaal-workflow, hier begrepen als het productieproces van een document zoals beschreven door Gouadec (2007Gouadec, Daniel 2007Translation as a Profession. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar, Hoofdstuk 3). Met Muñoz Martin (2010Muñoz Martín, Ricardo 2010 “On Paradigms and Cognitive Translatology.” In Translation and Cognition, edited by Gregory M. Shreve and Erik Angelone, 169–187. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar, 179) meen ik dat de vertaal-workflow de periode omvat “beginnend vanaf het ogenblik dat de klant de vertaler contacteert en eindigend als de vertaling de klant bereikt, of wanneer de vertaler betaald wordt.” We kunnen dit inzicht ook benoemen als de “agency van de vertaling als een gebeuren […] dat inderdaad het product kan zijn van een gefragmenteerde en meervoudige vorm van menselijke agency” (Harvey 2003Harvey, Keith 2003 “ ‘Events’ and ‘Horizons’: Reading Ideology in the ‘Bindings’ of Translations.” In Apropos of Ideology, edited by María Calzada Pérez, 43–69. Manchester: St. Jerome.Google Scholar, 69).

Corpusstudies van vertaling en meertalig taalgebruik hebben tot dusver nagelaten corpora te gebruiken die recht doen aan het feitelijke productieproces van een vertaling: “de revisie […] blijft vaak onzichtbaar in conventionele corpusgebaseerde studies die vertaalde en niet-vertaalde taal vergelijken” (Kruger 2012Kruger, Haidee 2012 “A Corpus-Based Study of the Mediation Effect in Translated and Edited Language.” Target 24 (2): 355–388. CrossrefGoogle Scholar, 354). Een stap naar zo’n meer holistische studie van de vertaal-workflow wordt gezet door het effect van de revisie te bestuderen middels een vergelijking van manuscripten van vertalingen met hun gepubliceerde versie. Dit kan “leiden tot verbeteringen in de ecologische geldigheid van experimentele settings” (Muñoz Martin 2010Muñoz Martín, Ricardo 2010 “On Paradigms and Cognitive Translatology.” In Translation and Cognition, edited by Gregory M. Shreve and Erik Angelone, 169–187. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar, 179; zie ook Saldanha en O’Brien 2013Saldanha, Gabriela, and Sharon O’Brien 2013Research Methodologies in Translation Studies. Abingdon: Routledge.Google Scholar, 110) en “boeiende mogelijkheden bieden voor de analyse van de taal van vertalingen” (Utka 2004Utka, Andrius 2004 “Phases of Translation Corpus: Compilation and Analysis.” International Journal of Corpus Linguistics 9 (2): 195–224. CrossrefGoogle Scholar, 223). Bij het gebruik van data afkomstig uit de corpusgebaseerde analyse van vertalingen, zou men rekening moeten houden met de invloed van revisoren, zeker waar het journalistieke teksten betreft, zoals bij Delaere (2015Delaere, Isabelle 2015Do Translations Walk the Line? Visually Exploring Translated and Non-Translated Texts in Search of Norm Conformity. PhD diss. Universiteit Gent.Google Scholar, 128). Om het gebruik van manuscriptversies bij corpusonderzoek te promoten, brengt dit artikel verslag uit over een analyse van grammaticale metaforen in vertaalde teksten vóór en na de revisie. Ik zal meer in het bijzonder onderzoeken hoe vertalers en revisoren op verschillende manieren de nominale of verbale stijl van een tekst beïnvloeden.

1.2Nominale en verbale stijl in Engels-Duitse vertaling

Men gaat er in het algemeen van uit dat het Duits een nominale stijl en bijgevolg een hogere informatiedichtheid verkiest (Göpferich 1995Göpferich, Susanne 1995Textsorten in Naturwissenschafien und Technik: Pragmatische Typologie – Kontrastierung – Translation. Tübingen: Günter Narr.Google Scholar, 420–421; Fabricius-Hansen 1999Fabricius-Hansen, Cathrine 1999 “Information Packaging and Translation: Aspects of Translational Sentence Splitting (German – English/Norwegian).” In Sprachspezifische Aspekte der Informationsverteilung, edited by Monika Doherty, 175–214. Berlin: Akademie Verlag.Google Scholar, 203; Krein-Kühle 2003Krein-Kühle, Monika 2003Equivalence in Scientific and Technical Translation: A Text-in-Context-Based Study. PhD diss. University of Salford.Google Scholar, 160; Hansen-Schirra et al. 2009Hansen-Schirra, Silvia, Sandra Hansen, Sascha Wolfer, and Lars Konieczny 2009 “Fachkommunikation, Popularisierung, Übersetzung: Empirische Vergleiche am Beispiel der Nominalphrase im Englischen und Deutschen.” Linguistik online 39 (3): 109–118.Google Scholar, 110). Desondanks hebben verschillende studies vastgesteld dat vertalingen naar het Duits regelmatig een verbale stijl vertonen. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat vertalers vaak nominale constructies van de brontekst omzetten tot verbale constructies, wat volgens sommigen zou kunnen wijzen op een effect van explicitering (Konšalová 2007Konšalová, Petra 2007 “Explicitation as a Universal in Syntactic De/condensation.” Across Languages and Cultures 8 (1): 17–32. CrossrefGoogle Scholar). Anderzijds kan het doorschijnen van de brontaal een rol spelen in de mate dat “vele verbale structuren letterlijk vertaald worden” (Hansen-Schirra 2011Hansen-Schirra, Silvia 2011 “Between Normalization and Shining-Through: Specific Properties of English – German Translations and their Influence on the Target Language.” In Multilingual Discourse Production: Diachronic and Synchronic Perspectives, edited by Svenja Kranich, Viktor Becher, Steffen Höder, and Juliane House, 135–162. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar, 147).

Deze ogenschijnlijk paradoxale situatie leidt tot wat Hansen-Schirra (136) aanduidt als een “hybridisatie” van de verbale en de nominale stijl. Volgens Teich (2003)Teich, Elke 2003Cross-Linguistic Variation in System and Text. Berlin: de Gruyter. CrossrefGoogle Scholar zouden Engelse structurele conventies doorschijnen in Duitse vertalingen, wat leidt tot een meer verbale stijl dan in niet-vertalingen. Anderzijds zullen vertalers hun tekst vaak aanpassen aan de normen van de doeltaal in een proces dat Baker (1996)Baker, Mona 1996 “Corpus-Based Translation Studies: The Challenges That Lie Ahead.” In Terminology, LSP and Translation: Studies in Language Engineering in Honour of Juan C. Sager, edited by Harold Somers, 175–186. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar als “normalisatie” benoemt.

In hun analyse van Engelse en Duitse vertaalde teksten vinden Hansen-Schirra et al. (2009Hansen-Schirra, Silvia, Sandra Hansen, Sascha Wolfer, and Lars Konieczny 2009 “Fachkommunikation, Popularisierung, Übersetzung: Empirische Vergleiche am Beispiel der Nominalphrase im Englischen und Deutschen.” Linguistik online 39 (3): 109–118.Google Scholar, 112–113) een opmerkelijk groot aantal gewijzigde nominale constituenten, waaruit ze afleiden dat de vertalingen aangepast zijn aan de patronen van de doeltaal. Wat betreft de voorkeur voor een nominale dan wel verbale stijl, stellen ze ook vast dat Engelse vertalingen een meer nominale stijl vertonen dan Duitse (117).

Maar hoe weten we dat het de vertalers zelf zijn die hiervoor verantwoordelijk zijn? De hybridisatie paradox kan bestudeerd worden door te onderzoeken hoe vertalers en revisoren op een verschillende manier omgaan met het nominaliseren of verbaliseren van constructies in de brontekst. Door een onderscheid te maken tussen het gedrag van vertalers en revisoren kunnen we licht werpen op welke actoren verantwoordelijk zijn, en in welke mate, voor de nominale of verbale stijl van de eindtekst.

In Deel 2 van dit artikel stel ik een mogelijk structuur voor van de vertaal-workflow in omvattende zin en bespreek ik de revisie in de context van het vertalen. Deel 3 introduceert de notie van de grammaticale metafoor en bespreekt de toepasbaarheid ervan in de vertaalstudie, alsook de effecten van het gebruik van grammaticale metaforisering in vertaalde teksten. Deel 4 beschrijft de methode hier toegepast ter bestudering van nominalisering en verbalisering in het driedelige corpus. Deel 5 geeft voorbeelden van de meest voorkomende metaforiseringspatronen en geeft een kwantitatieve analyse van de frequentie waarmee metaforiseringspatronen voorkomen.

2.De corpusgebaseerde studie van revisie in vertaling

Editing’ wordt gedefinieerd als

een activiteit die bestaat in het begrijpen en evalueren van een tekst geschreven door een auteur, en in het aanbrengen van wijzigingen in deze tekst in overeenstemming met de opdracht of het mandaat gegeven door een klant. Zulke wijzigingen kunnen gericht zijn op informationele, tekstorganisatorische of formele aspecten en ze beogen de kwaliteit van de tekst te verbeteren en de communicatieve doeltreffendheid ervan te verhogen.(Bisaillon 2007Bisaillon, Jocelyne 2007 “Professional Editing Strategies Used by Six Editors.” Written Communication 24 (4): 295–322. CrossrefGoogle Scholar, 296)

Terwijl Bisaillon’s definitie enkel verwijst naar teksten “geschreven door een auteur,” is ze zeker ook toepasbaar op vertalingen. Mossop (2004, 1) definieert editing en revising als “het lezen […] met het oog op het detecteren van problematische passages, en het aanbrengen van correcties en verbeteringen waar nodig,” maar beperkt editing tot teksten die geen vertalingen zijn. Ik zal de term ‘editing’ in deze paper gebruiken [zie echter de tweede vertalersnoot] ongeacht of de teksten vertalingen of originelen zijn.

Een vertaal-workflow kan bestaan uit de stadia van vertalen en editing, zoals weergegeven in Tabel 1. Ik hanteer Jakobsen’s (1999)Jakobsen, Arnt L. 1999 “Logging Target Text Production with Translog.” In Probing the Process in Translation: Methods and Results, edited by Gyde Hansen, 9–20. Copenhagen: Samfundslitteratur.Google Scholar schema van de vertaalhandeling (zie ook Norberg 2003Norberg, Ulf 2003Übersetzen mit doppeltem Skopos: Eine empirische Prozess- und Produktstudie. Uppsala: Uppsala University.Google Scholar), volgens hetwelk de reviser werkt op de tekst nà de vertaler, maar mogelijk nog steeds binnen het vertaalbureau dat de opdracht toegewezen kreeg (Rasmussen en Scholdager 2011Rasmussen, Kirsten Wølch, and Anne Schjoldager 2011 “Revising Translations: A Survey of Revision Policies in Danish Translation Companies.” The Journal of Specialised Translation 11: 87–120.Google Scholar). Editors werken dan aan de tekst tijdens het stadium van het editen binnen de uitgeverij (zie Tabel 1).

Tabel 1.Stadia in de vertaal-workflow
Agent Sub-proces Stage Product
Translator Orientation Translation stage
   idem Drafting Draft
(Reviser) Revising Manuscript
Editor Stylistic editing Editing stage
   idem Copyediting
(Editor 2) Structural editing
   idem Content editing
Publisher Publication Publication

Mossop (2014)Mossop, Brian 2014Revising and Editing for Translators. 3rd ed. Abingdon: Routledge. CrossrefGoogle Scholar definieert vier types van editing: stylistic editing, copyediting, structural editing en content editing. De laatste twee hebben te maken respectievelijk met de organisatie en ordening van de tekst en met toevoegingen of weglatingen met betrekking tot inhoud en het corrigeren van feitelijke onjuistheden in de tekst (Mossop 2014Mossop, Brian 2014Revising and Editing for Translators. 3rd ed. Abingdon: Routledge. CrossrefGoogle Scholar, 31; zie ook Ko 2011Ko, Leong 2011 “Translation Checking: A View from the Translation Market.” Perspectives: Studies in Translatology 19 (2): 123–134. CrossrefGoogle Scholar, 124). Copyediting wordt gedefinieerd als het conformeren van de tekst aan de regels van grammatica en “goed taalgebruik,” en aan een bepaalde huisstijl. Stilistisch editen betreft het verhogen van de “leesbaarheid” door “zinnen beknopter te maken” of dubbelzinnigheden weg te werken (Mossop 2014Mossop, Brian 2014Revising and Editing for Translators. 3rd ed. Abingdon: Routledge. CrossrefGoogle Scholar, 30–31).

De onderhavige studie maakt gebruik van artikelen vertaald voor de Harvard Business Manager (zie Deel 4). In dit tijdschrift worden alle bovenvermelde types van revisie samen verricht door eenzelfde persoon die daarbij voortdurend aan de brontekst refereert. Zo meldde ons Britta Domke, een van de revisoren van het tijdschrift (persoonlijke communicatie):

Wenn wir mit der Redigatur eines übersetzten Textes beginnen, legen wir uns in der Regel den Originaltext aus der HBR daneben und vergleichen beides Satz für Satz, sowohl sprachlich als auch inhaltlich. Sprachlich arbeiten wir zum Teil noch stark an den Übersetzungen, je nach Qualität und Engagement des jeweiligen Übersetzers. So zerhacken wir Brandwurmsätze in leichter verständliche Einzelteile, formulieren Substantivierungen und Passivkonstruktionen um und streichen überflüssige Hilfsverben.

[Als wij de vertaalde tekst beginnen te reviseren, plaatsen wij hem gewoonlijk naast de oorspronkelijke tekst uit de HBR en vergelijken we beide zin per zin, met het oog op zowel taal als inhoud. We reviseren ook de taal van de vertalingen, soms in aanzienlijke mate, afhankelijk van de kwaliteit en de door de vertaler geleverde inspanning. Zo splitsen we ingewikkelde zinnen in meer begrijpelijke stukken, herformuleren we nominalisaties en passieve constructies, en verwijderen we overbodige hulpwerkwoorden.]

Hierbij volgen de revisoren de stijlgids waarmee de vertalers werken; deze vraagt vertalers, in de sectie over taal en stijl, om begrijpelijk en levendig te schrijven en om, onder meer, een nominale stijl, passieve zinnen en onpersoonlijke constructies te vermijden.

3.Grammaticale metaforisering in vertalingen

3.1Nominalisering en verbalisering als grammaticale metafoor

Dit onderdeel behandelt de theoretische achtergrond van de studie van nominalisering als grammaticale metafoor. Ik zal kort het concept van de grammaticale metafoor toelichten en hoe het werd toegepast in vertaalwetenschappelijke en contrastieve analyses. Vervolgens bespreek ik de effecten van de grammaticale metafoor in vertaalde taal evenals mogelijke motiveringen voor het gebruik ervan.

Nominalisering kan beschouwd worden als een vorm van ‘ideationale grammaticale metafoor’ (voor een overzicht van de oorsprong van dit concept, zie Taverniers 2003Taverniers, Miriam 2003 “Grammatical Metaphor in SFL: A Historiography of the Introduction and Initial Study of the Concept.” In Grammatical Metaphor: Views from Systemic Functional Linguistics, edited by Anne-Marie Vandenbergen, Miriam Taverniers, and Louise J. Ravelli, 5–33. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar). Grammaticale metaforisering wordt gedefinieerd als een actie waarbij “processen en kwaliteiten geconstrueerd worden alsof het entiteiten waren” (Halliday en Matthiessen 2004 2004An Introduction to Functional Grammar. 3rd ed. London: Arnold.Google Scholar, 637). In talen zoals het Engels en het Duits, waarin gebeurtenissen, acties of toestanden gewoonlijk gerealiseerd worden als werkwoorden, zou een grammaticale metafoor betekenen dat deze gerealiseerd worden als substantieven (Halliday en Martin 1993Halliday, Michael A. K., and James R. Martin 1993Writing Science: Literary and Discursive Power. London: Falmer.Google Scholar, 141).

In dit proces kunnen ‘congruente realisaties’ voorkomen, die beschouwd kunnen worden als ongemarkeerde of “typische manieren om iets te zeggen” (Halliday 1994Halliday, Michael A. K. 1994An Introduction to Functional Grammar. 2nd ed. London: Arnold.Google Scholar, 321), en daarnaast ook ‘metaforische realisaties’, die op een of andere wijze “verschillen van wat bekomen zou worden via de kortste weg” (Halliday en Matthiessen 2004 2004An Introduction to Functional Grammar. 3rd ed. London: Arnold.Google Scholar, 658). Terwijl deze definities nogal vaag blijven, is de term “deverbale nominalisering” (Heyvaert 2003Heyvaert, Liesbet 2003 “Nominalization as Grammatical Metaphor: On the Need for a Radically Systemic and Metafunctional Approach.” In Grammatical Metaphor: Views from Systemic Functional Linguistics, edited by Anne-Marie Vandenbergen, Miriam Taverniers, and Louise J. Ravelli, 65–100. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar, 66) meer precies gedefinieerd als betrekking hebbend op gevallen waarbij processen die congruent uitgedrukt zouden worden als werkwoorden, metaforisch worden uitgedrukt als naamwoorden. Deze functioneren dan als Ding in de nominale groep, eerder dan als Proces in de zin (Halliday en Matthiessen 2004 2004An Introduction to Functional Grammar. 3rd ed. London: Arnold.Google Scholar, 656).

Sommigen beweren dat er een intrinsieke band bestaat tussen metaforisering en vertaling. Steiner (2001Steiner, Erich 2001 “Translations English – German: Investigating the Relative Importance of Systemic Contrasts and of the Text-Type ‘Translation’.” SPRIKreports 7:1–48.Google Scholar, 11) stelt dat de-metaforisering deel uitmaakt van het begripsproces tijdens de vertaalhandeling, wat dan gevolgd wordt door her-metaforisering wanneer de vertaler de doeltaaltekst formuleert; dit inzicht wordt ondersteund door empirische studies zoals die van Hansen (2003Hansen, Silvia 2003The Nature of Translated Text: An Interdisciplinary Methodology for the Investigation of the Specific Properties of Translation. PhD diss. Universität des Saarlandes.Google Scholar, 150) met betrekking tot vertalingen van het Duits en het Frans naar het Engels. Volgens Steiner is de vraag dan in welke mate vertalers hun teksten metaforiseren:

Hier wordt het proces van her-metaforisering beperkt tot onder het niveau dat het normaal zou bereiken. De redenen hiervoor kunnen taal-specifiek zijn (d.w.z., bepaald door typologisch-contrastieve eigenschappen van de betrokken talen), ze kunnen register-specifiek zijn (d.w.z., in die gevallen waarbij de doeltaal en -context een lagere graad van metaforiciteit suggereren); en/of ze kunnen te maken hebben met de onvoldoende inspanning of bekwaamheid van de vertaler ‒ of, inderdaad, met een nog andere, tot nu toe ongekende factor.(Steiner 2001Steiner, Erich 2001 “Translations English – German: Investigating the Relative Importance of Systemic Contrasts and of the Text-Type ‘Translation’.” SPRIKreports 7:1–48.Google Scholar, 15)

In elk geval verwacht Steiner (2001Steiner, Erich 2001 “Translations English – German: Investigating the Relative Importance of Systemic Contrasts and of the Text-Type ‘Translation’.” SPRIKreports 7:1–48.Google Scholar, 11) dat de frequentie van grammaticale metaforen lager zal zijn in vertalingen dan in onvertaalde teksten in dezelfde taal, en ook lager dan in hun bronteksten. Deze bewering kan niet getest worden met de methode gebruikt in onderhavige studie; volgens Steiner is ze hoe dan ook moeilijk te testen “doordat alle typologische factoren een grote rol spelen” (ibid.). Niettemin lijkt Steiners bewering in de eerste plaats betrekking te hebben op gevallen van her-metaforisering, aangezien hij stelt dat vertalers “vaak niet weer alle trappen van de grammaticale metaforisering zullen beklimmen” (ibid.).

Omwille van deze focus op her-metaforisering, is het niet duidelijk welke rol gevallen van ‘nieuwe’ metaforisering spelen in zijn visie, m.a.w., metaforiseringen die de vertaler introduceert, zoals nominaliseringen van werkwoorden uit de brontekst. Om de volledige omvang van metaforisering in vertaalde teksten te onderzoeken, is het nodig om een definitie uit te werken voor grammaticale metafoor die toepasbaar is in contrastieve analyses en alle gevallen van metaforisering omvat.

3.2Grammaticale metafoor in contrastieve analyse

De meeste bestaande studies van de grammaticale metafoor passen het begrip toe in een eentalige context. Studies die het concept toepassen op parallelle vertaalcorpora werden verricht met het CroCo corpus (Alves et al. 2010Alves, Fabio, Adriana Pagano, Stella Neumann, Erich Steiner, and Silvia Hansen-Schirra 2010 “Translation Units and Grammatical Shifts: Towards an Integration of Product- and Process-Based Translation Research.” In Translation and Cognition, edited by Gregory M. Shreve and Erik Angelone, 109–142. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar; Hansen en Hansen-Schirra 2012Hansen, Sandra, and Silvia Hansen-Schirra 2012 “Grammatical Shifts in English-GermanNoun Phrases.” In Cross-Linguistic Corpora for the Study of Translations: Insights from the Language Pair English-German, edited by Silvia Hansen-Schirra, Stella Neumann, and Erich Steiner, 133–145. Berlin: de Gruyter. CrossrefGoogle Scholar). Alves et al. (2010Alves, Fabio, Adriana Pagano, Stella Neumann, Erich Steiner, and Silvia Hansen-Schirra 2010 “Translation Units and Grammatical Shifts: Towards an Integration of Product- and Process-Based Translation Research.” In Translation and Cognition, edited by Gregory M. Shreve and Erik Angelone, 109–142. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar, 115) stellen dat dank zij dergelijke studies “grammaticale verschillen en vertaalverschuivingen tussen talen met meer precisie en volledigheid gecategoriseerd kunnen worden dan via de traditionele methodes.” In hun analyse van een parallel corpus van teksten uit de bedrijfscommunicatie tonen ze aan, onder meer, dat deverbale nominaliseringen de meest frequente part-of-speech verschuivingen zijn in Engels-naar-Duits vertalingen; dit rekenen ze deels toe aan de vaststelling dat het Engels meer verbale vormen heeft dan het Duits, maar ook aan de voorkeur van het Duits voor een nominale stijl (116). Bij hun studie van hetzelfde corpus stellen Hansen en Hansen-Schirra (2012Hansen, Sandra, and Silvia Hansen-Schirra 2012 “Grammatical Shifts in English-GermanNoun Phrases.” In Cross-Linguistic Corpora for the Study of Translations: Insights from the Language Pair English-German, edited by Silvia Hansen-Schirra, Stella Neumann, and Erich Steiner, 133–145. Berlin: de Gruyter. CrossrefGoogle Scholar, 145) vast dat “de vertalingen in de meeste gevallen de typische normen van de doeltaal respecteren.”

Ook op basis van het CroCo corpus bestudeert Rüth (2012)Rüth, Lisa 2012Grammatische Metapher und Common Ground. Master’s diss. Johannes-Gutenberg-Universität Mainz.Google Scholar de evolutie van metaforiciteit tussen 1975–1985 en 2005–2011 in professioneel Duits taalgebruik, met de bedoeling te onderzoeken of de taal van populariserend-wetenschappelijke teksten technischer is geworden. Naast andere bevindingen stelt ze een daling vast in deze tijdspanne van de verhouding tussen het aantal woorden behorend tot constituenten van het nominale type (zelfstandige naamwoorden, adjectieven en voorzetsels) en het aantal woorden behorend tot constituenten van het verbale type (werkwoorden, bijwoorden, voegwoorden; het onderscheid is gebaseerd op Steiner 2001Steiner, Erich 2001 “Translations English – German: Investigating the Relative Importance of Systemic Contrasts and of the Text-Type ‘Translation’.” SPRIKreports 7:1–48.Google Scholar, 26); de daling gaat van 4,8 nominaal type constituent per verbaal type constituent in het eerdere corpus naar 4,3 in het latere (Rüth 2012Rüth, Lisa 2012Grammatische Metapher und Common Ground. Master’s diss. Johannes-Gutenberg-Universität Mainz.Google Scholar, 78). Ze stelt dat deze verschuiving naar een meer verbale stijl de cognitieve verwerking van de tekst vergemakkelijkt en bijgevolg de verstaanbaarheid van de tekst voor het doelpubliek verhoogt (82).

Behalve de zonet vermelde zijn er weinig onderzoekers die grammaticale metaforisering vanuit een taaloverschrijdend standpunt beschouwen. Men kan vertaalbeslissingen analyseren als het uitdrukken van brontekst-vormen op een congruente dan wel metaforische wijze, “beschouwd vanuit het perspectief van de brontaal naar de doeltaal” (Steiner 2004 2004 “Ideational Grammatical Metaphor: Exploring Some Implications for the Overall Model.” Languages in Contrast 4 (1): 137–164. CrossrefGoogle Scholar, 149).11.Hoewel Steiner (2004 2004 “Ideational Grammatical Metaphor: Exploring Some Implications for the Overall Model.” Languages in Contrast 4 (1): 137–164. CrossrefGoogle Scholar, 158) zelf kritisch is t.o.v. dit perspectief. In de vertaalstudie is een dergelijk perspectief bijna de facto geïmpliceerd door het gebruik van termen zoals ‘brontaal’ en ‘doeltaal’. In die zin hebben we het over metaforisering wanneer “de uitdrukking in de doeltaal meer metaforisch is dan de uitdrukking in de brontaal” (Alves et al. 2010Alves, Fabio, Adriana Pagano, Stella Neumann, Erich Steiner, and Silvia Hansen-Schirra 2010 “Translation Units and Grammatical Shifts: Towards an Integration of Product- and Process-Based Translation Research.” In Translation and Cognition, edited by Gregory M. Shreve and Erik Angelone, 109–142. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar, 115), en over de-metaforisering in het tegenovergestelde geval.

De notie van de variabele sterkte van het gebruik van grammaticale metafoor in een contrastieve analyse van vertaalde teksten vindt een pleitbezorger in Steiner (2004 2004 “Ideational Grammatical Metaphor: Exploring Some Implications for the Overall Model.” Languages in Contrast 4 (1): 137–164. CrossrefGoogle Scholar, 159), voor wie de sterkste interpretatie van “congruentie” deze is waar ze “in zekere zin begrepen kan worden als primair.” Halliday en Matthiessen (1999Halliday, Michael A. K., and Christian M. I. M. Matthiessen 1999Construing Experience through Meaning: A Language-Based Approach to Cognition. London: Continuum.Google Scholar, 235) definiëren “primair” in een “logogenetische” zin, m.a.w., als “iets wat eerder voorkomt in de tekst,” in “de ontplooiing van de betekenis zelf” (18). Dit tijdskader vormt, volgens de auteurs, samen met het phylogenetische en het ontogenetische “de drie grote processen van de semogeschiedenis, waarbij betekenissen voortdurend worden gecreëerd, overgedragen, gereconstrueerd, uitgebreid en veranderd” (ibid.). Niets kan ons, mijn inziens, verhinderen om het logogenetische begrip uit te breiden en het vertalen van een tekst er in op te nemen.

Door de grammaticale metafoor te definiëren in een dergelijke taaloverschrijdende zin kunnen we licht werpen op de bovenvermelde hybridisatie paradox. In zijn bespreking van het gebruik van de grammaticale metafoor bij de contrastieve analyse stelt Steiner (2004 2004 “Ideational Grammatical Metaphor: Exploring Some Implications for the Overall Model.” Languages in Contrast 4 (1): 137–164. CrossrefGoogle Scholar, 145) dat “de overeenstemming van semantische rollen en grammaticale functies aan meer beperkingen onderhevig lijkt in het Duits dan in het Engels,” waardoor het Engels gemakkelijker personalisering toelaat dan het Duits. Dit betekent dat er verschillen in metaforiciteit en congruentie mogelijk zijn tussen talen ook waar de constructies structureel identiek zijn (145). De semantische restrictie van Actoren tot “levende en bewuste participanten” (Kunz 2010Kunz, Kerstin 2010Variation in English and German Nominal Coreference: A Study of Political Essays. Frankfurt/M.: Peter Lang.Google Scholar, 166) en bijgevolg de lagere tolerantie in het Duits voor personalisering is een van de redenen waarom in Duitse geschreven teksten een nominale stijl vaker voorkomt dan een verbale.

Steiner (2014, 155) toont verder aan dat een toename in metaforiciteit op een niveau soms kan leiden tot verminderingen op een ander niveau. Aldus, wanneer een samengestelde zin wordt vertaald als een enkelvoudige zin, zoals in Voorbeeld (1), ontleend aan Doherty (1991Doherty, Monika 1991 “Informationelle Holzwege: Ein Problem der Übersetzungswissenschaft.” Zeitschrift für Literaturwissenschaft und Linguistik 21 (84): 30–49.Google Scholar, 155), neemt de metaforiciteit doorgaans toe (Steiner 2004 2004 “Ideational Grammatical Metaphor: Exploring Some Implications for the Overall Model.” Languages in Contrast 4 (1): 137–164. CrossrefGoogle Scholar, 155). Maar, in overeenstemming met zijn eerder vermelde voorbehoud met betrekking tot verschillen in metaforiciteit tussen talen, wijst Steiner er op dat een congruente vertaling in dit geval zou leiden tot een “sterk metaforische personificatie” (ibid.).

(1)
  1. To solve such problems, plants have evolved two strategies which they superimpose upon photosynthesis.

    [Om dergelijke problemen op te lossen, hebben planten twee strategieën ontwikkeld die ze toevoegen aan de fotosynthese.]

  2. Zur Losung solcher Probleme haben sich bei den Pflanzen zwei Mechanismen herausgebildet, von denen die Photosynthese uberlagert wird.

    [For the solution of this problem, two mechanisms have evolved in plants by which photosynthesis becomes overlaid/superimposed.]22.Vertaling ontleend aan Steiner (2004 2004 “Ideational Grammatical Metaphor: Exploring Some Implications for the Overall Model.” Languages in Contrast 4 (1): 137–164. CrossrefGoogle Scholar, 145).

    [Voor de oplossing van dit probleem, hebben zich twee mechanismen in planten ontwikkeld, die worden toegevoegd aan fotosynthese.]

Dit is een belangrijke bevinding voor het genre van de populaire wetenschap – dat de empirische basis verschaft voor het meeste voorgaande onderzoek in ons domein en waarbij de Actoren vaak niet-menselijk zijn. Het voorkomen van het fenomeen van personificatie kan evenwel verschillen in andere genres. In teksten uit de bedrijfssfeer, bijvoorbeeld, zijn Actoren normalerwijze menselijk (managers, leidinggevenden, personeel) of entiteiten waarvoor personificatie aannemelijk is (bestuur, bedrijf). Voorbeeld (2) uit mijn corpus gelijkt sterk op (1), maar hier is de personificatie van Firmen (‘firma’s’) aanvaardbaar, waardoor de revisoren ervoor kozen om de nominalisering te de-metaforiseren.

(2)

To get at that, some firms create markets for new customer information in which employees rate the value of contributions. (HBR 1/10, 94)

[Om dit te verkrijgen, creëren sommige firma’s markten voor nieuwe klantinformatie waarbij werknemers de waarde van bijdrages evalueren.]

Zur Lösung dieses Problems setzen einige Firmen auf ein System, bei dem die Mitarbeiter die von den Kollegen hinzugefügten Kundeninformationen gegenseitig bewerten. (manuscript) Um dieses Problem zu lösen, setzen einige Firmen auf ein System bei dem die Mitarbeiter die von den Kollegen hinzugefügten Kundeninformationen bewerten. (HBM 3/10,86)
[Als oplossing voor dit probleem vertrouwen sommige firma’s op systemen waarbij werknemers de klantinformatie toegevoegd door hun collega’s wederzijds evalueren.] [Om dit probleem op te lossen, vertrouwen sommige firma’s op systemen waarbij werknemers de klantinformatie toegevoegd door hun collega’s evalueren.]

3.3Effecten van de grammaticale metafoor op de vertaalde tekst

Het gebruik van de grammaticale metafoor in vertaling heeft een aantal effecten. Op het gebied van tekstuele metafunctie staat metaforische realisatie de auteur toe om gebruik te maken van de “Gegeven/Nieuw” structuur van de informatie-eenheid (Halliday en Matthiessen 2004 2004An Introduction to Functional Grammar. 3rd ed. London: Arnold.Google Scholar, 642), alsook om een uitdrukking gerealiseerd als een nominale groep tekstueel te behandelen als een discourse referent (644). Wat betreft de interpersoonlijke metafunctie kan het effect van een metaforische realisatie erin bestaan dat de uitdrukking niet de interpersoonlijke status krijgt van een propositie of een voorstel, wat haar “onweerlegbaar” zou maken of zou presenteren als vaststaand (645). Dit gebeurt wanneer betekenissen metaforisch gerealiseerd worden door een groep of een constituent, die, in tegenstelling tot propositionele sequenties, geen ruimte laten voor modalisering, twijfel of argumentering.

Voorbeeld (3) toont een geval van deverbale nominalisering in de manuscriptversie die geherverbaliseerd werd in de gepubliceerde vertaling. Merk op hoe de modaliserende may even in de Engelse brontekst is veranderd in een häufig wollen [vaak willen] in de vertaling. De intermediaire versie van het vertalersmanuscript gebruikt bisweilen [soms] en bevindt zich zowat in het midden tussen de brontekst en de gepubliceerde versie. Er lijkt een glijdende schaal te zijn in het verlies van modaliteit in deze specifieke constructie, waarbij een voorzichtige suggestie doorheen de vertaal-workflow tot een sterke stelling wordt. Dit verlies in modaliteit is op zijn minst deels te wijten aan het gebruik van de grammaticale metafoor (zie Alves et al. 2010Alves, Fabio, Adriana Pagano, Stella Neumann, Erich Steiner, and Silvia Hansen-Schirra 2010 “Translation Units and Grammatical Shifts: Towards an Integration of Product- and Process-Based Translation Research.” In Translation and Cognition, edited by Gregory M. Shreve and Erik Angelone, 109–142. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar, 117 voor een gelijkaardig voorbeeld waarbij nominalisering leidt tot het verlies van modaliteit).

(3)

People may even shun the development of new resources in order to preserve existing values and retain power. (HBR 7/10, 102)

[Mensen kunnen zelfs de ontwikkeling van nieuwe middelen afwijzen teneinde bestaande waarden te beschermen en hun macht te bewaren.]

Bisweilen sind die Motive gegen die Entwicklung neuer Ressourcen auch in der Bewahrung vorhandener Werte oder in der Wahrung von Macht zu suchen. (manuscript) Häufig wollen Mitarbeiter vorhandene Werte bewahren oder ihre Macht sichern . (HBM 2/11 84)
[Soms zijn de motieven tegen de ontwikkeling van nieuwe middelen ook te zoeken in de bescherming van bestaande waarden of in het behoud van macht.] [Vaak willen werknemers bestaande waarden beschermen of hun macht veilig stellen.]

Een ander effect van de grammaticale metafoor houdt verband met de begrijpelijkheid van de vertaalde tekst. Het gebruik van de grammaticale metafoor kan de lexicale densiteit verhogen en daardoor de cognitieve verwerking van vertalingen bemoeilijken. Halliday en Martin (1993Halliday, Michael A. K., and James R. Martin 1993Writing Science: Literary and Discursive Power. London: Falmer.Google Scholar, 86) stellen dat “een groot stuk semantische informatie verloren gaat wanneer clausale uitdrukkingen vervangen worden door nominale uitdrukkingen.” Terwijl de algemene indruk bestaat dat nominalisaties moeilijker te begrijpen zijn dan actieve werkwoorden (Ravelli 1988Ravelli, Louise J. 1988 “Grammatical Metaphor: An Initial Analysis.” In Pragmatics, Discourse and Text: Some Systemically Inspired Approaches, edited by Erich Steiner and Robert Veltman, 135–147. London: Frances Pinter.Google Scholar, 144–145; Taverniers 2003Taverniers, Miriam 2003 “Grammatical Metaphor in SFL: A Historiography of the Introduction and Initial Study of the Concept.” In Grammatical Metaphor: Views from Systemic Functional Linguistics, edited by Anne-Marie Vandenbergen, Miriam Taverniers, and Louise J. Ravelli, 5–33. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar, 25–26), gaan de meeste onderzoekers die het verschijnsel bestuderen niet verder in de interpretatie van hun gegevens dan de speculatie dat hoge metaforiciteit een tekst minder verstaanbaar zou kunnen maken (Coleman 1964Coleman, Edmund B. 1964 “The Comprehensibility of Several Grammatical Transformations.” Journal of Applied Psychology 48 (3): 186–190. CrossrefGoogle Scholar; Lassen 2003Lassen, Inger 2003Accessibility and Acceptability in Technical Manuals: A Survey of Style and Grammatical Metaphor. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar, 24, 164–165; Müller-Feldmeth et al. 2015Müller-Feldmeth, Daniel, Uli Held, Peter Auer, Sandra Hansen-Morath, Silvia Hansen-Schirra, Karin Maksymski, Sascha Wolfer, and Lars Konieczny 2015 “Investigating Comprehensibility of German Popular Science Writing.” In Translation and Comprehensibility, edited by Karin Maksymski, Silke Gutermuth, and Silvia Hansen-Schirra, 227–261. Berlin: Frank & Timme.Google Scholar, 250). Er zijn zelfs aanduidingen dat een hogere graad van metaforiciteit geen verschil maakt in verstaanbaarheid (Palumbo 2008Palumbo, Giuseppe 2008Translating Science: An Empirical Investigation of Grammatical Metaphor as a Source of Difficulty for a Group of Translation Trainees in English – Italian Translation. PhD diss. University of Surrey.Google Scholar). Müller-Feldmeth et al. (2015Müller-Feldmeth, Daniel, Uli Held, Peter Auer, Sandra Hansen-Morath, Silvia Hansen-Schirra, Karin Maksymski, Sascha Wolfer, and Lars Konieczny 2015 “Investigating Comprehensibility of German Popular Science Writing.” In Translation and Comprehensibility, edited by Karin Maksymski, Silke Gutermuth, and Silvia Hansen-Schirra, 227–261. Berlin: Frank & Timme.Google Scholar, 241) tonen aan dat wetenschapsjournalisten een nominale stijl gebruiken “om wetenschappers en hun werk te presenteren” en een verbale stijl “om wetenschappelijke ideeën uit te leggen.”

4.Corpus en methode

Dit onderzoek steunt op een driedelig parallel corpus “waarin twee of meer componenten gealigneerd zijn, d.w.z., onderverdeeld in compositionele en sequentiële eenheden (van verschillende omvang en aard) die onderling verbonden zijn en dus als paren (of drielingen, etc.) kunnen worden opgevraagd” (Fantinuoli en Zanettin 2015Fantinuoli, Claudio, and Federico Zanettin 2015 “Creating and Using Multilingual Corpora in Translation Studies.” In New Directions in Corpus-Based Translation Studies, edited by Claudio Fantinuoli and Federico Zanettin, 1–10. Berlin: Language Science Press. CrossrefGoogle Scholar, 4). Een traditioneel vertaalcorpus van 26 Engelse bronteksten van 2006 tot 2011 en hun Duitse vertalingen is aangevuld met een corpus van de manuscripten van die vertalingen. De manuscripten werden door de vertaalfirma Rheinschrift33.Ik zou Ralph Krüger willen danken om mij in contact gebracht te hebben met dit bedrijf. Ik dank ook Michael Heinrichs, die mij de teksten heeft bezorgd en de vertaal-workflow van het bedrijf heeft uitgelegd. naar de uitgever verzonden en vertegenwoordigen bijgevolg vertaalde taal alvorens deze het revisieproces onderging. Vijf verschillende vertalers binnen die firma hebben de teksten vertaald en zes verschillende revisoren hebben ze bewerkt bij de Harvard Business Manager. De totale omvang van het corpus is 315,955 woorden (zie Tabel 2).

Tabel 2.Omvang van het corpus in woorden
Engelse bronteksten 104,678
Duitse manuscriptvertalingen 106,829
Duitse gepubliceerde vertalingen 104,448
Totale omvang 315,955

Tot voor kort werden gevallen van de grammaticale metafoor beschouwd als “moeilijk te annoteren en automatisch te extraheren” (Teich 2003Teich, Elke 2003Cross-Linguistic Variation in System and Text. Berlin: de Gruyter. CrossrefGoogle Scholar, 157), waardoor de meeste analyses manueel verricht werden (zie Rüth 2012Rüth, Lisa 2012Grammatische Metapher und Common Ground. Master’s diss. Johannes-Gutenberg-Universität Mainz.Google Scholar, 56 voor een overzicht). Steiner (2001)Steiner, Erich 2001 “Translations English – German: Investigating the Relative Importance of Systemic Contrasts and of the Text-Type ‘Translation’.” SPRIKreports 7:1–48.Google Scholar stelde enkele manieren voor om de grammaticale metaforiciteit van teksten automatisch te analyseren door het meten van lexicale densiteit, gemiddelde zinslengte, type-token-ratio of de verhouding tussen voorzetsels en voegwoorden. Deze metingen maken echter alleen uitspraken mogelijk over de tekst in zijn geheel en niet over specifieke gevallen van grammaticale metafoor.

Een verdere stap in de richting van corpusgebaseerd onderzoek van individuele gevallen van de grammaticale metafoor werd gezet door Rüth (2012)Rüth, Lisa 2012Grammatische Metapher und Common Ground. Master’s diss. Johannes-Gutenberg-Universität Mainz.Google Scholar, die de Canoo Unknown Word Analyser gebruikt voor een derivationele analyse. Dit staat haar toe om verschuivingen in parts of speech, zoals nominaliseringen, te registreren. De meest geavanceerde methode tot heden wordt gebruikt door het CroCo project, dat werkt met een corpus met meerlagige alignering en annotatie, wat de identificatie van verschuivingen in parts of speech toelaat en dus ook gevallen van grammaticale metafoor (Alves et al. 2010Alves, Fabio, Adriana Pagano, Stella Neumann, Erich Steiner, and Silvia Hansen-Schirra 2010 “Translation Units and Grammatical Shifts: Towards an Integration of Product- and Process-Based Translation Research.” In Translation and Cognition, edited by Gregory M. Shreve and Erik Angelone, 109–142. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar, 117; zie ook Hansen en Hansen-Schirra 2012Hansen, Sandra, and Silvia Hansen-Schirra 2012 “Grammatical Shifts in English-GermanNoun Phrases.” In Cross-Linguistic Corpora for the Study of Translations: Insights from the Language Pair English-German, edited by Silvia Hansen-Schirra, Stella Neumann, and Erich Steiner, 133–145. Berlin: de Gruyter. CrossrefGoogle Scholar). Aangezien het onderhavige corpus het moet doen zonder zulke complexe alignering, heb ik een semi-manuele analyse uitgevoerd met gedeeltelijke overname van de strategieën gebruikt door Steiner (2001)Steiner, Erich 2001 “Translations English – German: Investigating the Relative Importance of Systemic Contrasts and of the Text-Type ‘Translation’.” SPRIKreports 7:1–48.Google Scholar en Rüth (2012)Rüth, Lisa 2012Grammatische Metapher und Common Ground. Master’s diss. Johannes-Gutenberg-Universität Mainz.Google Scholar.

De drie subcorpora werden eerst part-of-speech tagged met behulp van TreeTagger (Schmid 1995Schmid, Helmut 1995 “Improvements in Part-of-Speech Tagging with an Application to German.” Proceedings of the ACL SIGDAT-Workshop: 1–9.Google Scholar), die de Stuttgart-Tübingen-Tagset gebruikt voor het Duits (Schiller et al. 1999Schiller, Anne, Simone Teufel, Christine Stöckert, and Christine Thielen 1999Guidelines für das Tagging deutscher Textcorpora mit STTS. http://​www​.sfs​.uni​-tuebingen​.de​/resources​/stts​-1999​.pdf) en de Penn Treebank Tagset voor het Engels (Marcus, Santorini en Marcinkiewicz 1993Marcus, Mitchell P., Beatrice Santorini, and Mary Ann Marcinkiewicz 1993 “Building a Large Annotated Corpus of English: The Penn Treebank.” Computational Linguistics 19 (2): 313–330.Google Scholar). De drie subcorpora werden vervolgens zin-per-zin gealigneerd en manueel geanalyseerd voor verschuivingen tussen substantief en werkwoord met de bedoeling mogelijke discrepanties te ontdekken tussen de manuscriptvertalingen en de gepubliceerde vertalingen.

De volgende strings die wijzen op nominalisering en verbalisering werden geanalyseerd in het corpus. Het -ung/-ungen suffix, zoals in Voorbeeld (4), is het meest productieve nominaliseringssuffix in het Duits, tenminste met betrekking tot de deverbale nominaliseringen (Demske 2000Demske, Ulrike 2000 “Zur Geschichte der ung-Nominalisierung im Deutschen: Ein Wandel morphologischer Produktivität.” Beiträge zur Geschichte der deutschen Sprache und Literatur 122 (3): 365–411. CrossrefGoogle Scholar; Shin 2006Shin, Soo-Song 2006 “On the Event Structure of -ung Nominals in German.” Linguistics 39 (2): 297–319.Google Scholar).

(4)

It’s easy to surmise that many of them felt unsure of their readiness for the role – we think of them as “much to prove” leaders. (HBR 1/09, 54)

[Het is gemakkelijk te veronderstellen dat velen onder hen zich onzeker voelden over hun gereedheid voor de rol – we beschouwen hen als “veel te bewijzen” leiders.]

Es drängt sich die Vermutung auf, dass sich viele von ihnen nicht sicher waren, der Aufgabe gewachsen zu sein. Wir stellen sie uns als Führungskräfte vor, die viel zu beweisen haben. (manuscript) Da drängt sich die Vermutung auf, dass viele von ihnen zweifelten, ob sie der Aufgabe gewachsen sind. Wir nennen sie “Führungskräfte auf Bewährung.” (HBM3/09,10)
[Dit doet de veronderstelling rijzen dat velen onder hen niet zeker waren of ze opgewassen waren tegen de taak. We beschouwen hen als leiders die veel te bewijzen hebben.] [Dit doet de veronderstelling rijzen dat velen onder hen twijfelden of ze opgewassen waren tegen de taak. We noemen hen “voorwaardelijke leiders.”]

Een gangbaar lexeem-formatiepatroon voor verbalisering is -ier- (zie Neef 1999Neef, Martin 1999 “A Declarative Approach to Conversion into Verbs in German.” In Yearbook of Morphology 1998, edited by Geert Booij and Jaap van Marle, 199–224. Dordrecht: Kluwer. CrossrefGoogle Scholar, 216), zoals in Voorbeeld (5).

(5)

In the process, such leaders raise the level of emotional engagement that employees bring to company life in general. (HBR 6/12, 76)

[Daardoor verhogen zulke leiders het niveau van emotioneel engagement dat de werknemers algemeen het bedrijfsleven bijbrengen.]

Dadurch erhöhen die Führungskräfte das Maß, in dem sich Mitarbeiter emotional für das Unternehmen engagieren. (manuscript) Dadurch erhöhen die Führungskräfte das Maß, in dem sich Mitarbeiter emotional für das Unternehmen engagieren. (HBM 7/12, 46)
[Daardoor verhogen leidinggevenden het niveau waarop werknemers zich emotioneel engageren voor het bedrijf.] [Daardoor verhogen leidinggevenden het niveau waarop werknemers zich emotioneel engageren voor het bedrijf.]

Daarnaast leverde deze string ook nominaliseringen met het suffix -ieren op, hetgeen wordt geïllustreerd in (6).44.Voorbeeld (6) vertoont ook de verbalisering door de revisor van het adjectief kenntnisreichen door de relatieve bijzin die viel wissen. Verder onderzoek naar de verbalisering van adjectieven is nodig om de rol van de revisoren hierin te verduidelijken.

(6)

An important part of an investigator’s work is finding knowledgeable people, including disaffected former executives and even current employees who may be in the thick of the suspicious activity. (HBR 10/07, 47)

[Een belangrijk deel van het werk van een onderzoeker is het vinden van mensen die op de hoogte zijn, inclusief misnoegde voormalige directeurs en zelfs huidige werknemers die misschien verwikkeld zijn in de verdachte activiteit.]

Ein wichtiger Aspekt bei der Untersuchung ist die Suche nach kenntnisreichen Personen. (manuscript) Ein wichtiger Teil der Untersuchung ist das Identifizieren von Personen, die viel wissen. (HBM 12/07,108)
[Een belangrijk aspect bij het onderzoek is de zoektocht naar personen die veel weten.] [Een belangrijk deel van het onderzoek is het identificeren van personen die veel weten.]

Andere zoekreeksen zijn de prepositie-artikel combinaties beim, zum, bei der en zum en de marker voor het Engelse gerundium -ing, dat ook kan leiden tot nominalisering in de vertaling (zie Rumpeltes, in voorbereidingRumpeltes, Kerstin In preparation. Microanalysis of Translations of -ing-Clauses as Subjects in the Register ESSAY. PhD diss. University of Saarbrücken.).

5.Metaforiseringspatronen van brontekst naar gepubliceerde vertaling

5.1Kwantitatieve bevindingen

Tabel 3 geeft een gedetailleerd overzicht van alle metaforiseringspatronen die de analyse heeft opgeleverd, gegeven in absolute cijfers en percentages van het totaal. De metaforiseringspatronen zijn opgesomd met behulp van driedelige afkortingen die de overgang voorstellen in drie stappen van de brontekst, via het manuscript, naar de gepubliceerde tekst. Om een meer gedetailleerd overzicht mogelijk te maken bij deze eerste stap, heb ik de verbale gerundia (Vg) en de nominale gerundia (Ng) in het Engels onderscheiden, evenals de verbale infinitieven (Vi) en de nominale infinitieven (Ni) in het Duits. VgNNi, bijvoorbeeld, betekent dat de brontekst een verbaal gerundium heeft (Vg), het manuscript een volledig nominale vorm (N), en de gepubliceerde versie een nominale infinitief (Ni).

De grote meerderheid van nominaliseringen gebruikte het suffix -ung. Nominaliseringen die genominaliseerde infinitieven gebruiken (Ni, 40 gevallen) zijn veel minder frequent. De meerderheid hiervan (31 gevallen) komen voor in patronen waarin de gepubliceerde tekst een nominale vorm heeft behouden (VNiNi, VgNiNi, VgNiN). Ze komen veel minder voor (slechts 9 keer) in patronen waarbij het gepubliceerde document een verbale vorm bevat (VNiV, VgNiV). Revisoren lijken dus veel minder geneigd een nominalisering te herverbaliseren wanneer deze voorkomt als een nominale infinitief dan wanneer hij voorkomt als een -ung vorm.

Tabel 3.Gedetailleerd overzicht van metaforiseringspatronen
Patroon Gevallen (%) Patroon Gevallen (%) Patroon Gevallen (%)
VNN 243   36,5 VNNi   3    0,5 VgNN 56  8,4
VNiNi   9    1,4 VgNiN   1    0,2 VgNiNi 21  3,2
VgNNi   6    0,9 VNV 140 21 VNiV  6  0,9
VgNV  53 8 VgNiV   3    0,5 VVN 16  2,4
VVNi   1    0,2 VgVN   1    0,2 NNV 81 12,2
NNiV   2    0,3 NgNV   5    0,8 NVV 17  2,6
NgVV   1    0,2 NgVN   1    0,2

Aangezien mijn onderzoek zich richt op nominaliseringen en verbaliseringen, worden de patronen die adjectieven bevatten op eender welk moment in de vertaal-workflow (11 gevallen) buiten beschouwing gelaten in de analyse. Wat ook uitgesloten wordt zijn patronen waarbij de vorm weggelaten werd op een gegeven moment (ook 11 gevallen), hetzij omdat de revisoren inhoud hebben verwijderd, of omdat de vertaler inhoud heeft toegevoegd; enkel gevallen waarbij alle drie de teksten of een nominale of een verbale vorm hadden, worden opgenomen in de lijst.

Bij het groeperen van gerundia en infinitieven in hun respectieve verbale of nominale categorieën kunnen we de data indelen in zes metaforiseringspatronen, die weergegeven worden in Tabel 4.

Tabel 4.Brontekst vormen en acties ondernomen door vertalers en revisoren
Afkorting Brontekst vorm Actie vertaler Actie revisor Gevallen (%)
VNN verbaal nominalisering 339     50,9
VNV verbaal nominalisering herverbalisering 202     30,3
VVN verbaal nominalisering  18      2,7
NNV nominaal verbalisering  88     13,2
NVV nominaal verbalisering  18      2,7
NVN nominaal verbalisering hernominalisering   1      0,2
Totaal 666 100

Revisoren behouden een groot aantal van de nominaliseringen van de vertalers (wat resulteert in het VNN patroon). Gezien hun verklaring dat ze regelmatig de brontekst raadplegen (zie Deel 2 hierboven), zullen de revisoren beseffen dat het gaat om nominaliseringen en klaarblijkelijk waren ze het hier dus eens met de beslissing van de vertalers om te nominaliseren. Het tweede meest gebruikelijke patroon (VNV), daarentegen, bestaat in het “uitpakken” door de revisoren van de grammaticale metafoor (Halliday en Matthiessen 1999Halliday, Michael A. K., and Christian M. I. M. Matthiessen 1999Construing Experience through Meaning: A Language-Based Approach to Cognition. London: Continuum.Google Scholar, 255) wanneer ze een aanzienlijk aantal nominaliseringen van de vertalers herverbaliseren. Het derde meest frequent waargenomen patroon bevat gevallen waar nominale vormen van de brontekst die de vertalers behielden, door de revisoren geverbaliseerd worden (NNV). Overigens zijn nominaliseringen van verbale vormen die de vertalers behouden hebben van de brontekst (VVN), tamelijk zeldzaam.

Ongeveer 15% van de wijzigingen die optreden in de revisie zijn aldus nieuwe metaforiseringen, d.w.z., metaforisingen van een vorm die de vertaler behouden heeft vanuit de brontekst (VVN en NNV). Zo’n 30% van de metaforiseringen betreft gevallen waar de revisor de manuscriptvertaling wijzigde door het ongedaan maken van een aanpassing van de vertaler (VNV en NVN).55.Omdat de vertaal-workflow gezien wordt in de logogenetische zin (zie Deel 3.2), beschouw ik ook deze gevallen als metaforiseringen, omdat een verschuiving optreedt in vergelijking met de vorige stap in de creatie van de tekst.

Met betrekking tot de grammaticale metaforiciteit in het onderzoek beïnvloeden de manuscriptvertaling en de revisiefase de tekst in ongeveer gelijke mate. In het manuscript stadium is deverbale nominalisering (VNN en VNV) het meest voorkomend metaforiseringspatroon; het komt veel vaker voor dan denominale verbalisering. De revisiefase daarentegen, beïnvloedt de tekst voornamelijk door verbalisering (VNV en NNV). Revisoren zijn meer geneigd om nominale structuren te verbaliseren dan om verbale structuren te nominaliseren, vooral wanneer de brontekst ook een verbale vorm bevat. Dit verschil wordt samengevat in Tabel 5.

Tabel 5.Verandering in metaforiciteit teweeggebracht door vertalers en revisoren
Actor Nominalisering Verbalisering
Vertaler 541 (62.2%) 19 (2.2%)
Revisor 19 (2.2%) 290 (33.4%)

5.2Bespreking van de bevindingen

Voorbeeld (7) geeft de metaforiseringspatronen VgNV (onderlijnd) en VNN (vet gedrukt) weer. Het gerundium Increasing werd vertaald als het zelfstanding naamwoord Die Steigerung en daarna door de revisor veranderd in het werkwoord erhöhen. Het werkwoord to build werd eveneens vertaald als het zelfstandig naamwoord Steigerung, wat door de revisor werd bewaard, weliswaar in de accusatief eerder dan de genitief.

(7)

Increasing brand equity is best seen as a means to an end, one way to build customer equity. (HBR 1/10, 94)

[Merkwaarde verhogen wordt het best beschouwd als een middel om een doel te bereiken, één manier om klantwaarde op te bouwen.]

Die Steigerung des Werts einer Marke wird bestenfalls als eine Methode zur Erreichung des wichtigeren Ziels, der Steigerung des Werts der Kunden, betrachtet. (manuscript) Den Wert einer Marke zu erhöhen kann bestenfalls dazu dienen, ein wichtigeres Ziel zu erreichen: die Steigerung des Kundenwerts. (HBM 3/10, 86)
[De verhoging van de waarde van een merk wordt best als een methode gezien om het belangrijker doel te bereiken van de verhoging van de klantwaarde.] [De waarde van een merk verhogen kan op zijn best ertoe dienen een belangrijker doel te bereiken: de verhoging van de klantwaarde.]

Voor een voorbeeld van het NVV patroon, zie (5) hierboven. Voorbeeld (8) toont het metaforiseringspatroon NNV. De nominale constituent in de brontekst improvements in profitability werd door de vertaler weergegeven met het equivalente maar enigszins onbeholpen substantief Rentabilitätssteigerung. Die onhandigheid is mogelijk de reden waarom de revisoren het substantief hebben veranderd in de beter leesbare verbale constituent steigerten die Rentabilität.

(8)

The communications plans determined by our model resulted in sharp improvements in profitability. (HBR 3/06, 131)

[Het communicatieplan vooropgesteld door ons model zorgde voor duidelijke verbeteringen in winstgevendheid.]

Die Kommunikationspläne, die unser Modell erstellt hatte, führten zu einer starken Rentabilitätssteigerung. (manuscript) Das Ergebnis: Die Kommunikationsstrategien, die auf unserem Modell beruhten, steigerten die Rentabilität der Kunden erheblich. (HBM 10/06, 116)
[De communicatieplannen die ons model had gecreëerd, leidden tot een sterke verhoging van de winstgevendheid.] [Het gevolg: De communicatiestrategieën, die gebaseerd waren op ons model, verhoogden de winstgevendheid van de klanten in aanzienlijke mate.]

Het metaforiseringspatroon VVN wordt geïllustreerd in (9), waar de verbale constituent to build a national presence werd vertaald als de verbale constituent eine landesweite Präsenz zu schaffen. De revisoren hebben deze laatste dan gecondenseerd tot het substantief Expansionsbemühungen.

(9)

But it got reckless in its attempts to build a national presence. (HBR 9/08, 82)

[Maar ze werd roekeloos in haar pogingen om een nationale aanwezigheid op te bouwen.]

Doch in seinen Versuchen, eine landesweite Präsenz zu schaffen, wurde das Unternehmen leichtsinnig. (manuscript) Doch bei seinen Expansionsbemühungen wurde das Unternehmen leichtsinnig. (HBM 12/08,96)
[Maar in haar pogingen om een nationale aanwezigheid te creëren, werd de onderneming roekeloos.] [Maar bij haar expansie-pogingen werd de onderneming roekeloos.]

Gerundia, die eigenschappen van zowel naamwoorden als werkwoorden bezitten (Mackenzie 1996Mackenzie, J. Lachlan 1996 “English Nominalisations in the Layered Model of the Sentence.” In Complex Structures: A Functionalist Perspective, edited by Betty Devriendt, Louis Goossens, and Johan van der Auwera, 325–355. Berlin: de Gruyter. CrossrefGoogle Scholar, 326), worden doorgaans onderverdeeld in verbale en nominale gerundia (Abney 1987Abney, Steven P. 1987The English Noun Phrase in its Sentential Aspect. PhD diss. Massachusetts Institute of Technology.Google Scholar; Houston 1989Houston, Ann 1989 “The English Gerund: Syntactic Change and Discourse Function.” In Language Change and Variation, edited by Ralph W. Fasold and Deborah Schiffrin, 173–196. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar; Alexiadou, Iordăchioaia, en Schäfer 2011Alexiadou, Artemis, Gianina Iordăchioaia, and Florian Schäfer 2011 “Scaling the Variation in Romance and Germanic Nominalisations.” In The Noun Phrase in Romance and Germanic Structure, Variation and Change, edited by Petra Sleeman and Harry Perridon, 25–40. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar, 159). Aldus wordt een gerundieve vorm als nominaal beschouwd wanneer het object ervan een prepositionele zin is en het gemodificeerd wordt door een adjectief. Het heeft een verbaal karakter indien het een accusatief object toelaat en gemodificeerd wordt door een bijwoord (Alexiadou, Iordăchioaia, en Schäfer 2011Alexiadou, Artemis, Gianina Iordăchioaia, and Florian Schäfer 2011 “Scaling the Variation in Romance and Germanic Nominalisations.” In The Noun Phrase in Romance and Germanic Structure, Variation and Change, edited by Petra Sleeman and Harry Perridon, 25–40. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar, 28), zoals in Voorbeeld (10).

(10)

Developing new resources internally is faster and more effective than acquiring them from external parties. (HBR 7/10, 102)

[Het intern ontwikkelen van nieuwe middelen is sneller en effectiever dan ze aan te kopen van externe partijen.]

Die interne Entwicklung neuer Ressourcen ist schneller und effektiver als der Kauf bei externen Anbietern. (manuscript) Selbst zu entwickeln ist schneller und effektiver, als etwas von externen Anbietern zu kaufen. (HBM 2/11, 84)
[De interne ontwikkeling van nieuwe middelen is sneller en effectiever dan de aankoop bij externe leveranciers.] [Zelf ontwikkelen is sneller en effectiever dan iets te kopen van externe leveranciers.]

Een gelijkaardig onderscheid is toepasselijk op nominale en verbale infinitieven in het Duits. Naar analogie met Mackenzie’s (1996Mackenzie, J. Lachlan 1996 “English Nominalisations in the Layered Model of the Sentence.” In Complex Structures: A Functionalist Perspective, edited by Betty Devriendt, Louis Goossens, and Johan van der Auwera, 325–355. Berlin: de Gruyter. CrossrefGoogle Scholar, 326) continuüm van volledig verbale tot volledig nominale uitdrukkingen, kan men beweren dat nominale infinitieven dichter bij het verbale spectrum liggen dan -ung nominalisaties omdat ze meer karakteristieken van werkwoorden behouden, zoals vormgelijkheid aan de verbale infinitief en de afwezigheid van een meervoudsvorm.

In Voorbeeld (11) verschijnt das räumliche Zusammenrücken der Mitarbeiter (letterlijk ‘het ruimtelijk samenbrengen van personeel’) twee maal als vertaling van bringing people closer to one another, terwijl de -ung nominalisering Beseitigung van de manuscriptversie veranderd werd tot een nominale infinitief, das Beseitigen, in de gepubliceerde vertaling.

(11)

There’s some evidence that removing physical barriers and bringing people closer to one another does promote casual interactions. (HBR 7/11, 102)

[Er zijn aanduidingen dat het wegnemen van fysieke barrières en het dichter bij elkaar brengen van mensen ongedwongen interacties echt in de hand werkt.]

Es gibt Belege dafür, dass die Beseitigung physicher Grenzen und das räumliche Zusammenrücken der Mitarbeiter beiläufige Unterhaltungen fördern. (manuscript) Es gibt Belege dafür, dass das Beseitigen physicher Grenzen und das räumliche Zusammenrücken der Mitarbeiter spontane Unterhaltungen fördern. (HBM 10/11, 46)
[Er zijn aanwijzingen dat de verwijdering van fysieke grenzen en het ruimtelijk samenbrengen van personeel terloopse gesprekken bevordert.] [Er zijn aanwijzingen dat het verwijderen van fysieke grenzen en het ruimtelijk samenbrengen van personeel spontane gesprekken bevordert.]

Tot slot vertoont de gepubliceerde vertaling in Voorbeeld (12) een verbale infinitief in het Duits (Kopieren, ‘kopiëren’) terwijl de manuscriptversie een nominale infinitief heeft (das Kopieren, ‘het kopiëren’).

(12)

The sense of permission was strengthened by the fact that copying is perceived as work. (HBR 7/11, 102)

[Het gevoel van toelating werd versterkt door het feit dat kopiëren als werk wordt beschouwd.]

Das Gefühl, zu diesen Gesprächen die Erlaubnis zu haben, wurde durch die Tatsache gestärkt, dass das Kopieren als Arbeit betrachtet wird. (manuscript) Da Kopieren als Arbeit betrachtet wird, stärkte dies das Gefühl, diese Unterhaltungen seien erlaubt. (HBM 10/11, 46)
[Het gevoel de toelating te hebben voor deze gesprekken werd versterkt door het feit dat het kopiëren als werk wordt beschouwd.] [Omdat kopiëren beschouwd wordt als werk, versterkte dit het gevoel dat deze gesprekken toegelaten werden.]

Natuurlijk heeft de methode toegepast in deze studie zijn beperkingen. Het is bijvoorbeeld moeilijk te weten precies hoe metaforisch individuele nominaliseringen zijn. Het meest sprekende voorbeeld voor dit probleem in het corpus is het woord Wertschöpfung (‘waardecreatie’, ‘toegevoegde waarde’). In de bronteksten nemen auteurs snel toevlucht tot verbale constituenten als create value of add value. In het Duits zou ik stellen dat Wertschöpfung niet echt een verbaal equivalent heeft. Terwijl er twee gevallen zijn van zo’n verbale vorm in ons corpus (zie Voorbeeld (13)), tonen de referentie corpora van Duitse kranten zeer weinig gevallen van het lemma Wert schöpfen.66.Zie dwds​.de​/?view​=3​&qu​=“Wert schöpfen”. Waar ze voorkomen kan men aanvoeren dat het leenvertalingen uit het Engels betreft.

(13)

So if there is some chance that a deal between a buyer and a seller can create extra value, it’s better to negotiate than to hold an auction. (HBR 12/09, 101)

[Dus als er een kans bestaat dat een overeenkomst tussen een koper en een verkoper extra waarde kan creëren, is het beter te onderhandelen dan een veiling te houden.]

Wenn also die Möglichkeit besteht, dass ein Verhandlungsabschluss zwischen einem Käufer und einem Verkäufer zu einer zusätzlichen Wertschöpfung führt, sollten Verhandlungen statt Versteigerungen stattfinden. (manuscript) Wenn also die Möglichkeit besteht, dass ein Geschäftsabschluss zwischen einem Käufer und einem Verkäufer im Fall von Verhandlungen zusätzlichen Wert schöpft, sollten Sie verhandeln, anstatt eine Auktion durchzuführen. (HBM 6/10, 74)
[Als er dus een mogelijkheid is dat het afsluiten van een overeenkomst tussen een koper en een verkoper zal leiden tot een extra waardecreatie, zouden onderhandelingen in plaats van een veiling moeten plaatsvinden.] [Als er dus een mogelijkheid is dat het afsluiten van een overeenkomst tussen een koper en een verkoper extra waarde zal creëren in het geval van onderhandelingen, zou je moeten onderhandelen in plaats van een veiling te organiseren.]

De vraag is hoeveel de vertaler metaforiseert bij het nominaliseren van de verbale constituent create extra value, als er geen verbaal equivalent voorhanden is? En hoe ‘congruent’ kunnen we het gebruik van Wert schöpfen door de revisor noemen, als de uitdrukking onconventioneel is in het Duits? Deze vragen kunnen enkel aangepakt worden door een kwalitatieve analyse die volgt op een corpusgebaseerde identificatie van metaforiseringen (zie Bisiada 2017 2017 “Translation and Editing: A Study of Editorial Treatment of Nominalisations in Draft Translations.” Perspectives: Studies in Translation Theory and Practice 26 (1): 24–38. CrossrefGoogle Scholar voor zo’n analyse).

Tot besluit: het VNV metaforiseringspatroon is het meest interessante omdat het de waarde toont van de analyse van de manuscriptfase in de vertaal-workflow. De 202 vormen die het VNV patroon uitmaken, zouden als letterlijke (congruente) vertalingen worden beschouwd in conventionele analyses, terwijl zij in feite in de eigenlijk vertaalde tekst nominalisaties zijn. In een analyse die het effect van de revisie fase negeert, blijft zodoende bijna een derde van de metaforiseringen onopgemerkt, wat aantoont dat het reviseren een belangrijk effect kan hebben op de vertaalde taal.

De verschillende invloeden op de tekst die aan het licht kwamen in deze studie bieden mogelijke aanwijzingen om de hierboven vermelde hybridisatie-paradox te helpen verklaren (Hansen-Schirra 2011Hansen-Schirra, Silvia 2011 “Between Normalization and Shining-Through: Specific Properties of English – German Translations and their Influence on the Target Language.” In Multilingual Discourse Production: Diachronic and Synchronic Perspectives, edited by Svenja Kranich, Viktor Becher, Steffen Höder, and Juliane House, 135–162. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar, 136). Alvast bij artikels uit de zakelijke communicatie lijkt het erop dat vertaalde tekst een product is niet alleen van de vertaalhandeling als zodanig, maar ook van het hybride karakter van de vertaal-workflow, waarbij verschillende actoren een rol spelen. Gelijkaardige aanduidingen worden verschaft voor teksten uit kranten door Delaere (2015Delaere, Isabelle 2015Do Translations Walk the Line? Visually Exploring Translated and Non-Translated Texts in Search of Norm Conformity. PhD diss. Universiteit Gent.Google Scholar, 161), die meent dat “genres die een revisieproces ondergaan, een grotere kans hebben standaardtaal te vertonen” dan genres waarbij dit niet gebeurt.

Voor teksten uit de zakenwereld blijkt dat revisoren in aanzienlijke mate zinnen splitsen om de leesbaarheid te verhogen (Bisiada 2016Bisiada, Mario 2016 “ ‘Lösen Sie Schachtelsätze möglichst auf’: The Impact of Editorial Guidelines on Sentence Splitting in German Business Article Translations.” Applied Linguistics 37 (3): 354–376. CrossrefGoogle Scholar), een doelstelling die misschien niet de allerhoogste prioriteit heeft van vertalers wanneer zij hun vertaling produceren. Andújar (2016)Andújar, Gemma 2016 “Traducción entregada frente a traducción publicada: Reflexiones sobre la normalización en traducción editorial a partir de un estudio de caso.” Meta 61 (2): 396–420. CrossrefGoogle Scholar heeft aangetoond voor literaire teksten dat de invloed van revisoren zich manifesteert in een standardisering van de taal, wat bijvoorbeeld de pogingen teniet doet van vertalers om oraliteit in hun doelteksten te reproduceren (Andújar 2016Andújar, Gemma 2016 “Traducción entregada frente a traducción publicada: Reflexiones sobre la normalización en traducción editorial a partir de un estudio de caso.” Meta 61 (2): 396–420. CrossrefGoogle Scholar, 417).

De hierboven vermelde studies kaderen binnen een recente beweging om corpusgebaseerde contrastieve- en vertaalstudies te stoelen op een meer genuanceerd begrip van hoe het vertaalproduct wordt gemaakt. Onderzoek naar de invloed van revisoren op de vertaalde tekst toont aan dat contrastieve en vertaalstudies zich niet mogen beperken tot gepubliceerde teksten als een basis voor hun uitspraken over vertaalde taal. Waar mogelijk moeten de onderzoekers in rekening brengen dat de vertaalde tekst interventies heeft ondergaan, die, afhankelijk van het genre, significant genoeg kunnen zijn om specifiek onderzoek te rechtvaardigen.

Deze bevindingen ondersteunen het idee dat de productie van vertalingen een activiteit is met vele actoren, die dan ook als dusdanig hoort te worden bestudeerd. Indien blijkt dat de gepubliceerde doeltekst – het eindproduct dat de overgrote meerderheid van ontvangers onder ogen krijgt – tamelijke verschillen vertoont ten opzichte van de tekst die de vertaler oorspronkelijk produceerde, dan moet ook de studie van vertaalde taal een gedifferentieerd perspectief innemen met een duidelijke kijk op welke vertaalde taal men bestudeert: die van het eindproduct, of die van een van de voorafgaandelijke stadia.

Opmerkingen

1.Hoewel Steiner (2004 2004 “Ideational Grammatical Metaphor: Exploring Some Implications for the Overall Model.” Languages in Contrast 4 (1): 137–164. CrossrefGoogle Scholar, 158) zelf kritisch is t.o.v. dit perspectief.
2.Vertaling ontleend aan Steiner (2004 2004 “Ideational Grammatical Metaphor: Exploring Some Implications for the Overall Model.” Languages in Contrast 4 (1): 137–164. CrossrefGoogle Scholar, 145).
3.Ik zou Ralph Krüger willen danken om mij in contact gebracht te hebben met dit bedrijf. Ik dank ook Michael Heinrichs, die mij de teksten heeft bezorgd en de vertaal-workflow van het bedrijf heeft uitgelegd.
4.Voorbeeld (6) vertoont ook de verbalisering door de revisor van het adjectief kenntnisreichen door de relatieve bijzin die viel wissen. Verder onderzoek naar de verbalisering van adjectieven is nodig om de rol van de revisoren hierin te verduidelijken.
5.Omdat de vertaal-workflow gezien wordt in de logogenetische zin (zie Deel 3.2), beschouw ik ook deze gevallen als metaforiseringen, omdat een verschuiving optreedt in vergelijking met de vorige stap in de creatie van de tekst.

Opmerkingen bij de vertaling

aDeze vertaling kwam tot stand op basis van de bachelor paper van Ophélie Malcolm (Université de Namur, Langues et littératures modernes: orientation germanique, 2018–2019), die werd begeleid door Dirk Delabastita.
b‘Editor’ in het origineel. De Nederlandse terminologie (persklaarmaker, revisor, corrector, redacteur…) is verre van eenduidig en vertoont geen een-op-een overeenkomst met de Engelse. Onze vertaling volgt zoveel mogelijk het terminologische gebruik van Isabelle S. Robert en Iris Schrijver in hun hoofdstuk “Met andere ogen. Vertaalrevisie, de dagelijkse kost voor de vertaler van de toekomst,” in In balans. Een inleiding tot vertaal- en tolkwetenschap, red. Gert De Sutter en Isabelle Delaere (Leuven: Acco, 2019, blz. 284–306). In de metatalige bespreking van de Engelse termen (Deel 2) bewaren we evenwel deze laatste – in cursief – in onvertaalde vorm.

Referenties

Abney, Steven P.
1987The English Noun Phrase in its Sentential Aspect. PhD diss. Massachusetts Institute of Technology.Google Scholar
Alexiadou, Artemis, Gianina Iordăchioaia, and Florian Schäfer
2011 “Scaling the Variation in Romance and Germanic Nominalisations.” In The Noun Phrase in Romance and Germanic Structure, Variation and Change, edited by Petra Sleeman and Harry Perridon, 25–40. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar
Alves, Fabio, Adriana Pagano, Stella Neumann, Erich Steiner, and Silvia Hansen-Schirra
2010 “Translation Units and Grammatical Shifts: Towards an Integration of Product- and Process-Based Translation Research.” In Translation and Cognition, edited by Gregory M. Shreve and Erik Angelone, 109–142. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar
Andújar, Gemma
2016 “Traducción entregada frente a traducción publicada: Reflexiones sobre la normalización en traducción editorial a partir de un estudio de caso.” Meta 61 (2): 396–420. CrossrefGoogle Scholar
Baker, Mona
1996 “Corpus-Based Translation Studies: The Challenges That Lie Ahead.” In Terminology, LSP and Translation: Studies in Language Engineering in Honour of Juan C. Sager, edited by Harold Somers, 175–186. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar
Bisaillon, Jocelyne
2007 “Professional Editing Strategies Used by Six Editors.” Written Communication 24 (4): 295–322. CrossrefGoogle Scholar
Bisiada, Mario
2016 “ ‘Lösen Sie Schachtelsätze möglichst auf’: The Impact of Editorial Guidelines on Sentence Splitting in German Business Article Translations.” Applied Linguistics 37 (3): 354–376. CrossrefGoogle Scholar
2017 “Translation and Editing: A Study of Editorial Treatment of Nominalisations in Draft Translations.” Perspectives: Studies in Translation Theory and Practice 26 (1): 24–38. CrossrefGoogle Scholar
Coleman, Edmund B.
1964 “The Comprehensibility of Several Grammatical Transformations.” Journal of Applied Psychology 48 (3): 186–190. CrossrefGoogle Scholar
Delaere, Isabelle
2015Do Translations Walk the Line? Visually Exploring Translated and Non-Translated Texts in Search of Norm Conformity. PhD diss. Universiteit Gent.Google Scholar
Demske, Ulrike
2000 “Zur Geschichte der ung-Nominalisierung im Deutschen: Ein Wandel morphologischer Produktivität.” Beiträge zur Geschichte der deutschen Sprache und Literatur 122 (3): 365–411. CrossrefGoogle Scholar
Doherty, Monika
1991 “Informationelle Holzwege: Ein Problem der Übersetzungswissenschaft.” Zeitschrift für Literaturwissenschaft und Linguistik 21 (84): 30–49.Google Scholar
Fabricius-Hansen, Cathrine
1999 “Information Packaging and Translation: Aspects of Translational Sentence Splitting (German – English/Norwegian).” In Sprachspezifische Aspekte der Informationsverteilung, edited by Monika Doherty, 175–214. Berlin: Akademie Verlag.Google Scholar
Fantinuoli, Claudio, and Federico Zanettin
2015 “Creating and Using Multilingual Corpora in Translation Studies.” In New Directions in Corpus-Based Translation Studies, edited by Claudio Fantinuoli and Federico Zanettin, 1–10. Berlin: Language Science Press. CrossrefGoogle Scholar
Göpferich, Susanne
1995Textsorten in Naturwissenschafien und Technik: Pragmatische Typologie – Kontrastierung – Translation. Tübingen: Günter Narr.Google Scholar
Gouadec, Daniel
2007Translation as a Profession. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar
Halliday, Michael A. K.
1994An Introduction to Functional Grammar. 2nd ed. London: Arnold.Google Scholar
Halliday, Michael A. K., and James R. Martin
1993Writing Science: Literary and Discursive Power. London: Falmer.Google Scholar
Halliday, Michael A. K., and Christian M. I. M. Matthiessen
1999Construing Experience through Meaning: A Language-Based Approach to Cognition. London: Continuum.Google Scholar
2004An Introduction to Functional Grammar. 3rd ed. London: Arnold.Google Scholar
Hansen, Sandra, and Silvia Hansen-Schirra
2012 “Grammatical Shifts in English-GermanNoun Phrases.” In Cross-Linguistic Corpora for the Study of Translations: Insights from the Language Pair English-German, edited by Silvia Hansen-Schirra, Stella Neumann, and Erich Steiner, 133–145. Berlin: de Gruyter. CrossrefGoogle Scholar
Hansen, Silvia
2003The Nature of Translated Text: An Interdisciplinary Methodology for the Investigation of the Specific Properties of Translation. PhD diss. Universität des Saarlandes.Google Scholar
Hansen-Schirra, Silvia
2011 “Between Normalization and Shining-Through: Specific Properties of English – German Translations and their Influence on the Target Language.” In Multilingual Discourse Production: Diachronic and Synchronic Perspectives, edited by Svenja Kranich, Viktor Becher, Steffen Höder, and Juliane House, 135–162. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar
Hansen-Schirra, Silvia, Sandra Hansen, Sascha Wolfer, and Lars Konieczny
2009 “Fachkommunikation, Popularisierung, Übersetzung: Empirische Vergleiche am Beispiel der Nominalphrase im Englischen und Deutschen.” Linguistik online 39 (3): 109–118.Google Scholar
Harvey, Keith
2003 “ ‘Events’ and ‘Horizons’: Reading Ideology in the ‘Bindings’ of Translations.” In Apropos of Ideology, edited by María Calzada Pérez, 43–69. Manchester: St. Jerome.Google Scholar
Heyvaert, Liesbet
2003 “Nominalization as Grammatical Metaphor: On the Need for a Radically Systemic and Metafunctional Approach.” In Grammatical Metaphor: Views from Systemic Functional Linguistics, edited by Anne-Marie Vandenbergen, Miriam Taverniers, and Louise J. Ravelli, 65–100. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar
Houston, Ann
1989 “The English Gerund: Syntactic Change and Discourse Function.” In Language Change and Variation, edited by Ralph W. Fasold and Deborah Schiffrin, 173–196. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar
Jakobsen, Arnt L.
1999 “Logging Target Text Production with Translog.” In Probing the Process in Translation: Methods and Results, edited by Gyde Hansen, 9–20. Copenhagen: Samfundslitteratur.Google Scholar
Ko, Leong
2011 “Translation Checking: A View from the Translation Market.” Perspectives: Studies in Translatology 19 (2): 123–134. CrossrefGoogle Scholar
Konšalová, Petra
2007 “Explicitation as a Universal in Syntactic De/condensation.” Across Languages and Cultures 8 (1): 17–32. CrossrefGoogle Scholar
Krein-Kühle, Monika
2003Equivalence in Scientific and Technical Translation: A Text-in-Context-Based Study. PhD diss. University of Salford.Google Scholar
Kruger, Haidee
2012 “A Corpus-Based Study of the Mediation Effect in Translated and Edited Language.” Target 24 (2): 355–388. CrossrefGoogle Scholar
Kunz, Kerstin
2010Variation in English and German Nominal Coreference: A Study of Political Essays. Frankfurt/M.: Peter Lang.Google Scholar
Lassen, Inger
2003Accessibility and Acceptability in Technical Manuals: A Survey of Style and Grammatical Metaphor. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar
Mackenzie, J. Lachlan
1996 “English Nominalisations in the Layered Model of the Sentence.” In Complex Structures: A Functionalist Perspective, edited by Betty Devriendt, Louis Goossens, and Johan van der Auwera, 325–355. Berlin: de Gruyter. CrossrefGoogle Scholar
Marcus, Mitchell P., Beatrice Santorini, and Mary Ann Marcinkiewicz
1993 “Building a Large Annotated Corpus of English: The Penn Treebank.” Computational Linguistics 19 (2): 313–330.Google Scholar
Mossop, Brian
2014Revising and Editing for Translators. 3rd ed. Abingdon: Routledge. CrossrefGoogle Scholar
Müller-Feldmeth, Daniel, Uli Held, Peter Auer, Sandra Hansen-Morath, Silvia Hansen-Schirra, Karin Maksymski, Sascha Wolfer, and Lars Konieczny
2015 “Investigating Comprehensibility of German Popular Science Writing.” In Translation and Comprehensibility, edited by Karin Maksymski, Silke Gutermuth, and Silvia Hansen-Schirra, 227–261. Berlin: Frank & Timme.Google Scholar
Muñoz Martín, Ricardo
2010 “On Paradigms and Cognitive Translatology.” In Translation and Cognition, edited by Gregory M. Shreve and Erik Angelone, 169–187. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar
Neef, Martin
1999 “A Declarative Approach to Conversion into Verbs in German.” In Yearbook of Morphology 1998, edited by Geert Booij and Jaap van Marle, 199–224. Dordrecht: Kluwer. CrossrefGoogle Scholar
Norberg, Ulf
2003Übersetzen mit doppeltem Skopos: Eine empirische Prozess- und Produktstudie. Uppsala: Uppsala University.Google Scholar
Palumbo, Giuseppe
2008Translating Science: An Empirical Investigation of Grammatical Metaphor as a Source of Difficulty for a Group of Translation Trainees in English – Italian Translation. PhD diss. University of Surrey.Google Scholar
Rasmussen, Kirsten Wølch, and Anne Schjoldager
2011 “Revising Translations: A Survey of Revision Policies in Danish Translation Companies.” The Journal of Specialised Translation 11: 87–120.Google Scholar
Ravelli, Louise J.
1988 “Grammatical Metaphor: An Initial Analysis.” In Pragmatics, Discourse and Text: Some Systemically Inspired Approaches, edited by Erich Steiner and Robert Veltman, 135–147. London: Frances Pinter.Google Scholar
Rumpeltes, Kerstin
In preparation. Microanalysis of Translations of -ing-Clauses as Subjects in the Register ESSAY. PhD diss. University of Saarbrücken.
Rüth, Lisa
2012Grammatische Metapher und Common Ground. Master’s diss. Johannes-Gutenberg-Universität Mainz.Google Scholar
Saldanha, Gabriela, and Sharon O’Brien
2013Research Methodologies in Translation Studies. Abingdon: Routledge.Google Scholar
Schiller, Anne, Simone Teufel, Christine Stöckert, and Christine Thielen
1999Guidelines für das Tagging deutscher Textcorpora mit STTS. http://​www​.sfs​.uni​-tuebingen​.de​/resources​/stts​-1999​.pdf
Schmid, Helmut
1995 “Improvements in Part-of-Speech Tagging with an Application to German.” Proceedings of the ACL SIGDAT-Workshop: 1–9.Google Scholar
Shin, Soo-Song
2006 “On the Event Structure of -ung Nominals in German.” Linguistics 39 (2): 297–319.Google Scholar
Steiner, Erich
2001 “Translations English – German: Investigating the Relative Importance of Systemic Contrasts and of the Text-Type ‘Translation’.” SPRIKreports 7:1–48.Google Scholar
2004 “Ideational Grammatical Metaphor: Exploring Some Implications for the Overall Model.” Languages in Contrast 4 (1): 137–164. CrossrefGoogle Scholar
Taverniers, Miriam
2003 “Grammatical Metaphor in SFL: A Historiography of the Introduction and Initial Study of the Concept.” In Grammatical Metaphor: Views from Systemic Functional Linguistics, edited by Anne-Marie Vandenbergen, Miriam Taverniers, and Louise J. Ravelli, 5–33. Amsterdam: John Benjamins. CrossrefGoogle Scholar
Teich, Elke
2003Cross-Linguistic Variation in System and Text. Berlin: de Gruyter. CrossrefGoogle Scholar
Utka, Andrius
2004 “Phases of Translation Corpus: Compilation and Analysis.” International Journal of Corpus Linguistics 9 (2): 195–224. CrossrefGoogle Scholar

Correspondentieadres

Mario Bisiada

Department of Translation and Language Sciences

Universitat Pompeu Fabra

C. Roc Boronat, 138

08018 BARCELONA

Spain

mario.bisiada@upf.edu